Een locatie is verdacht op het voorkomen van asbest in de bodem als:

  • in de bodem een bijmenging van meer dan 10% bodemvreemde stoffen (puin, baksteen, repac, enz) aanwezig is;

of

  • wanneer er gebouwen/objecten op de locatie aanwezig zijn die aan de buitenzijde voorzien zijn van asbestverdachte materialen (golfplaten, gevelpanelen);
  • in het verleden bedrijfsactiviteiten zijn uitgevoerd waarvan bekend is dat bij deze activiteiten asbest is gebruikt (bijvoorbeeld scheepswerven).