In deze serie lichten we steeds één programma uit. Dit is deel 3: hoe kijken we terug op de inspanningen voor Toekomstgerichte gebiedsontwikkeling, en welke resultaten zijn met dit programma behaald?

Het woord is aan:

  • Mariëlle Naeije, programmamanager/ strategisch adviseur
  • Hanneke Luijting, adviseur duurzaamheid
  • Menno Roos, adviseur relatiebeheer/ eerder ook programmamanager

Terugblik programma’s 2022 – 2025

  • Omgevingswet
  • Samen meer grip op milieuschade
  • Toekomstgerichte gebiedsontwikkeling
  • Beter benutten van data

Wat is jullie vooral bijgebleven van het programma Toekomstgerichte gebiedsontwikkeling?

Hanneke: ‘We kregen de ruimte om te pionieren op thema’s als circulaire economie en afval. Daarmee wilden we gemeenten bijstaan in het maken van duurzame keuzes in de fysieke leefomgeving. Zonder de Ontwikkelaanpak hadden we dat nooit voor elkaar gekregen.’

Menno: ‘Dankzij de Ontwikkelaanpak konden we buiten ons gebruikelijke (wettelijke) takenpakket treden. We adviseerden over vraagstukken rondom klimaatadaptatie en duurzaamheid, en ontwikkelden concrete tools.’

Mariëlle: ‘De 3-30-300 vuistregel is daar een prachtig voorbeeld van, die gemeenten stimuleert met een groene bril naar wijken en buurten te kijken. Hoe dat werkt? In de ideale wereld zie je vanuit elke woning minstens 3 bomen, valt 30% van de wijk in de schaduw van bomen en is er een verkoelend parkje in de buurt (op maximaal 300 meter).’

Hanneke: ‘Ook met de afvalscans hielpen we gemeenten vooruit. Met deze scans krijgen zij alle reststromen op bedrijventerreinen in beeld. Dat maakt bijvoorbeeld inzichtelijk waar veel bouw- en sloopafval verloren gaat. Zonde om af te voeren via restafval, want een bedrijf in de buurt kan het hout misschien nog wel gebruiken. Met deze gegevens hebben gemeenten iets in handen om ketensamenwerking op gang te helpen.’

Mariëlle: ‘Een goudmijn aan data dus! De volgende stap is om over gemeentegrenzen heen te kijken, en voor heel Zuid-Holland Zuid de stromen in kaart te brengen.’

“Zonder de Ontwikkelaanpak hadden we nooit de ruimte gehad om te pionieren. Wat begon als een idee, is uitgegroeid tot een stevige samenwerking.”

Hanneke

Welke concrete resultaten zijn er behaald?

Hanneke: ‘Afgelopen januari (2025) gebeurde er iets bijzonders. De wethouders van onze tien gemeenten én de gedeputeerde van Zuid-Holland namen gezamenlijk het besluit om werk te maken van een sterk en circulair Zuid-Holland Zuid. Dat doen wij via de circulaire krachtenbundeling Zuid-Holland Zuid. Op drie thema’s bundelen we onze krachten in de regio: bouw, bedrijvigheid en beleid. Voor een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving willen we gezamenlijk slimmer omgaan met onze grondstoffen.’

Mariëlle: ‘Dat hier breed bestuurlijk draagvlak voor is, is super belangrijk. Dat geeft op ambtelijk niveau de ruggesteun om de regionale circulaire samenwerking echt verder te brengen. Een zaadje groeit uit tot een boom.’

Hanneke: ‘Ha, letterlijk zelfs, want de praatplaat voor bestuurders is afgedrukt op groeipapier met bloemzaadjes. Die symboliek sluit natuurlijk fantastisch aan.’

Menno: ‘Een boom groeit niet in een rechte lijn, er ontstaan organische vormen. Ook dat herken ik in de weg die we voor dit programma hebben bewandeld.’

Mariëlle: ‘Ja, dat was ook zeker zo in het project Klimaatadaptieve rekentool. Met de tool kun je als inwoner of bedrijf onderzoeken met welke maatregelen jouw initiatief voldoet aan het beleid en de regels over klimaatadaptatie en biodiversiteit in het omgevingsplan. Dat is handig voor een vergunningaanvraag. Tot aanschaf van de rekentool is het nog niet gekomen. We kwamen erachter dat het technisch en financieel gezien beter was om eerst te zorgen voor gezamenlijk beleid en regels met alle gemeenten. Daar werken we nu hard aan. Eigenlijk kwam het idee net te vroeg. Soms krijgt een project een andere wending. Er is zeker belangstelling dus ik sluit niet uit dat de klimaattool een vervolg gaat krijgen.’

Met Ontwikkelaanpak 2022-2025 speelt de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid in op ontwikkelingen die voor de hele regio relevant zijn. We sluiten aan bij de opgaven waar gemeenten en provincie voor staan. Vanuit de gedachte dat je samen meer bereikt, werken we aan slimme, toekomstgerichte dienstverlening.

Het programma Toekomstgerichte Gebiedsontwikkeling in een notendop
Hoe maken we onze regio bestand tegen hittestress, wateroverlast en klimaatverandering? Dit programma helpt gemeenten en provincie bij duurzame keuzes in de fysieke leefomgeving. Met kennis, data en samenwerking zorgen we dat thema’s als klimaatadaptatie, circulair bouwen en energietransitie stevig verankerd zijn in gebiedsontwikkeling.

Duurzaamheid groeide uit tot een vast onderdeel van al onze OZHZ-producten en adviezen. We brachten belemmeringen en kansen voor duurzame (woning)bouw en ondernemerschap in kaart, combineerden databronnen en bouwden aan een samenwerkingsrelatie met partners.

Waar ben je het meest trots op?

Hanneke: ‘We zijn op een punt gekomen dat we regionaal capaciteit delen, waardoor we de transitie naar een circulaire economie versnellen. En dan te bedenken dat we ooit klein en voorzichtig begonnen met kennis delen. Dat is uitgegroeid tot een stevige samenwerking.’

Menno: ‘Naast de Circulaire Agenda lopen er nog veel andere projecten. Zo helpt de kaart met overbodige verhardingen gemeenten om wateroverlast te verminderen en bij te dragen aan vergroening voor meer biodiversiteit. Ander voorbeeld is het puntensysteem voor natuurinclusief bouwen. Dat geeft richting in natuurmaatregelen om de biodiversiteit te versterken, denk aan het ophangen van vleermuizenkasten of het vergroenen van daken.’

Bestuurlijk draagvlak is cruciaal. Dat geeft ons op ambtelijk niveau de ruimte om regionale samenwerking echt verder te brengen. Zo groeit een zaadje uit tot een boom

Mariëlle

Wat merken inwoners en ondernemers hiervan?

Menno: ‘Vanuit de omgevingsdienst legden wij contact met allerlei organisaties, van de Industriële Kring Gorinchem tot Dordt Onderneemt. En natuurlijk onze partners en medeoverheden, zoals GGD, veiligheidsregio en waterschappen.’

Hanneke: ‘We helpen gemeenten om hun visie op circulariteit te verwoorden. Aangezien die visie uiteindelijk kan landen in het omgevingsplan, krijgen inwoners hier mee te maken wanneer zij bijvoorbeeld een plan of idee hebben dat zij willen realiseren in de gemeente. Of in welke mate er groen aanwezig is in hun wijk.’

Hoe was het voor jullie persoonlijk om hieraan te werken?

Hanneke: ‘Ik ben blij met het vertrouwen en de vrijheid die we kregen om dit programma op poten te zetten.’

Menno: ‘Bijdragen aan een betere wereld, dat is mijn persoonlijke drijfveer. Ik heb zin om ook de komende jaren vooruit te denken; hoe kunnen we gemeenten bijstaan in hun maatschappelijke opgave op het gebied van economie, duurzaamheid, natuur en milieu?’

Mariëlle: ‘Uit dit interview spreekt duidelijk hoe enthousiast onze adviseurs zijn. Het is aanstekelijk om met zulke gepassioneerde mensen te werken. Dat smaakt naar meer!’

Van voorzichtig kennis delen naar stevige samenwerking in een groene leefomgeving

Hoe gaat het verder?

Mariëlle: ‘De Ontwikkelaanpak gaf onze inzet op duurzaamheid een boost. Het mooie is dat meerdere projecten uit het programma nu een plek hebben binnen OZHZ; het project de Afvaltafel is vanaf 2026 een vast onderdeel in onze dagelijkse werkzaamheden. Maar we zijn er nog niet: er zijn nog diverse onderwerpen waar we als OZHZ samen met onze opdrachtgevers in moeten blijven ontwikkelen. Zo zal circulariteit ook in de nieuwe Ontwikkelaanpak een prominente plek gaan krijgen.’